49 t/m 53). Meer duidelijkheid over digitale ledenraadplegingen

49). De aanduiding van een digitale stemming onder NPB-leden (Zeeland/West-Brabant)

In de statuten en het HHR wordt het houden van een digitale stemming onder NPB-leden voortaan overal op dezelfde manier aangeduid, te weten als een digitale ledenraadpleging.

Toelichting
In de huidige statuten en het huidige huishoudelijk reglement worden voor het houden van digitale stemmingen drie verschillende benamingen gebruikt, terwijl hetzelfde bedoeld wordt. Artikel 27 van de statuten heeft het over een digitale ledenpeiling. Artikel 14 van het HHR heeft het over een digitale ledenraadpleging. Artikel 20 van het HHR heeft het over een digitale stemming. Dat kan dus duidelijker.

Stemadvies
Het hoofdbestuur adviseert het congres dit voorstel aan te nemen en daardoor te bevorderen dat deze eenduidigheid ook in de herziene 2022-versie van de statuten en het HHR wordt gerealiseerd.

-----------------------

50). Algemene geldigheid 10%-norm bij digitale ledenpeilingen (Zeeland/West-Brabant)

De redactie van statuten/HHR moet optimaal duidelijk maken dat bij alle digitale ledenraadplegingen de 10%-norm van kracht is voor de geldigheid van de stemmen. Daarom wordt in artikel 14 van het huishoudelijk reglement (Ledenvergadering) wordt de verwijzing naar artikel 27 van de statuten (Wijze van stemmen) geschrapt.

Toelichting
In de bepalingen over een digitale ledenpeiling (artikel 27 statuten) en een digitale ledenraadpleging (artikel 14 HHR) wordt uitdrukkelijk vermeld dat de uitkomsten alleen meetellen bij een deelname van minimaal tien procent van het ledenaantal. Artikel 20 van het HHR schrijft voor dat over de benoeming van een hoofdbestuurder namens de afdeling een digitale stemming moet worden gehouden, maar bevat geen bepaling over een deelname drempel die bepaalt of de uitkomsten mogen worden meegeteld.

Het is uiteraard wel de bedoeling dat die deelname-drempel ook bij deze digitale ledenraadpleging gehanteerd wordt. Vandaar het voorstel om voor meer duidelijkheid de verwijzing naar de basisbepaling op dat gebied (artikel 27 van de statuten) weg te halen bij artikel 14 van het huishoudelijk reglement. Dat voorkomt dat er twijfel kan ontstaan over de algemene geldigheid van artikel 27 van de statuten.

Stemadvies
Het hoofdbestuur adviseert het congres dit voorstel aan te nemen en daardoor te bevorderen dat ook in de herziene 2022-versie van de statuten en het HHR optimale (redactionele) duidelijkheid wordt geboden over de algemene geldigheid van de 10%-norm bij digitale ledenraadplegingen.

---------------------------------------

51). Minstens 10% response bij digitale ledenpeiling: uitkomst is bindend (Zeeland/West-Brabant)

Artikel 27 van de statuten wordt dusdanig gewijzigd dat voortaan de uitkomst van een digitale ledenraadpleging bindend is wanneer er voldaan is aan de 10%- norm. Er hoeft dan geen fysieke stemming meer plaats te vinden op een ledenvergadering.

Toelichting
In democratische zin is het houden van twee soorten van stemmingen (digitaal en fysiek tijdens een ledenvergadering) niet gewenst. Wanneer bij een digitale ledenraadpleging aan de 10% norm is voldaan moet de uitslag van die peiling bindend zijn. Wanneer beiden gebruikt worden kan het zo zijn dat leden twee keer kunnen stemmen, digitaal en fysiek. Dat is onwenselijk en vanuit democratisch standpunt bezien niet goed.

Stemadvies
Het hoofdbestuur ontraadt het congres dit voorstel aan te nemen. Wij vinden het geen goed idee om bij een deelname van minimaal 10% van de leden aan een digitale ledenraadpleging geen rekening meer te houden met de uitgebrachte stemmen op een fysieke ledenbijeenkomst. Dat maakt fysieke ledenraadplegingen overbodig, terwijl daar juist de mogelijkheid wordt geboden om standpunten uit te wisselen en het debat te voeren alvorens er gestemd wordt. Hierin ziet het hoofdbestuur de toegevoegde waarde van een fysieke bijeenkomst.

De huidige bepaling over digitaal stemmen in de statuten doet volgens het hoofdbestuur meer recht aan de verenigingsdemocratie. Zij schrijft voor dat een response van minstens 10% bij een digitale ledenraadpleging ertoe leidt dat deze stemmen worden samengevoegd met de stemmen die tijdens de fysieke ledenraadpleging worden uitgebracht. De digitale stemmen tellen dan dus volledig mee bij het bepalen van de meerderheid en kunnen niet overruled worden door de wellicht kleinere groep aanwezigen die op de fysieke bijeenkomst zijn stem uitbrengt. Meerdere keren stemmen is niet toegestaan. De uitgebrachte stemmen moeten daarop zorgvuldig gecontroleerd worden.

---------------------

52). Minder dan 10% response bij digitale ledenpeiling: uitkomst is richtinggevend (Zeeland/West-Brabant)

Is bij de digitale ledenraadpleging niet aan de 10%-norm voldaan, dan moet een daartoe uitgeschreven ledenvergadering uitsluitsel geven. Daarbij geldt de uitslag van de digitale ledenpeiling als richtinggevend.

Stemadvies
Het hoofdbestuur ontraadt het congres dit voorstel aan te nemen. Ten eerste is het merkwaardig om de uitkomst van een digitale ledenraadpleging bij alle deelnamepercentages onder de tien richtinggevend te laten zijn en dus geen onderscheid te maken tussen de uitkomst bij een deelnamepercentage van acht of van twee procent.
Ten tweede maakt het voorstel niet duidelijk wat precies verstaan moet worden onder richtinggevend. Op welke manier kan door een fysieke stemming tijdens de ledenvergadering dan nog verandering worden gebracht in ‘de richting’ van de uitkomst?

--------------------------------

53). Voor elke nieuwe cao-ronde een ledenraadpleging cao-wensen (NPB Jong)

De NPB moet voor elke nieuwe cao-ronde zijn (jonge) leden raadplegen over de gewenste (cao-)onderwerpen via de uitvraagmogelijkheden van de NPB-app en van social media zoals Instagram. Deze aanpak is noodzakelijk als je wilt dat de (jonge) leden zich meer bij de (voorbereiding van) de cao en andere lopende onderwerpen betrokken voelen. Ook kan hierdoor een nieuw inzicht ontstaan in de wensen van de leden als het om (bepaalde) arbeidsvoorwaarden gaat. Uiteraard zonder garanties dat de ingebrachte punten daadwerkelijk onderdeel worden van de onderhandelingen.

Toelichting
Medio 2021 hebben de politiebonden onder bijzondere omstandigheden een kortdurende politie-cao voor één jaar afgesloten. Daarna begonnen direct de voorbereidingen voor de onderhandelingen over een volgende cao. Er is toen besloten om de inzet van de bonden bij deze onderhandelingen hoofdzakelijk samen te stellen uit bestaande en overgebleven onderwerpen van de vorige onderhandelingsperiode. Er werd voor gekozen om geen uitvraag bij leden te doen over wat zij voor deze inzet belangrijk zouden vinden. NPB Jong vindt dat een verkeerde keuze.

Stemadvies
Het hoofdbestuur adviseert het congres dit voorstel aan te nemen. De NPB raadpleegt sinds jaar en dag zijn achterban over de inzet van de bond bij komende cao-onderhandelingen. Daarbij halen we alle communicatiemiddelen uit de kast - ook de app en ook onze sociale media-kanalen. Ook in 2021 zijn de leden voorafgaande aan het cao-onderhandelingen geraadpleegd over de cao-inzet. Alleen is er gekozen voor een andere volgorde dan gebruikelijk: eerst zelf een inzet maken en daarna aan de leden vragen of we iets vergeten waren, waarna wensen die nog niet in beeld waren bij de NPB alsnog zijn toegevoegd.