In 2025 heb ik de drie jaar voor mijn AOW-gerechtigde leeftijd nog niet bereikt. Welke mogelijkheden zijn er straks voor mij op vroegpensioengebied?

De tijdelijke vrijstelling van de RVU-boete tussen 2021 en 2025 om de huidige zestigplussers meer mogelijkheden voor vervroegde uittreding te bezorgen moet gezien worden als een overgangsmaatregel. In het pensioenakkoord is afgesproken dat de overheid de werkgevers en de bonden daarna op andere manieren fiscaal zal blijven ondersteunen bij het financieel mogelijk maken van cao-afspraken over structurele mogelijkheden voor vervroegde uittreding.

Als eerste stap op die weg staan in het pensioenakkoord drie afspraken over mogelijke bouwstenen voor dat soort regelingen. Zo wordt momenteel onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om werknemers na 45 gewerkte jaren aanspraak te geven op een AOW-uitkering (‘flexibele AOW’). De uitkomsten zouden al in 2020 beschikbaar moeten komen. Daarnaast is overeengekomen de hoeveelheid verlof die werknemers belastingvrij bij elkaar kunnen sparen te verdubbelen van 50 naar 100 weken. Ook dat biedt extra ruimte voor cao-afspraken over structurele (sectorale) vroegpensioenregelingen.

Dat soort regelingen zouden moeten ingaan nadat de overgangsmaatregelen zijn uitgewerkt. Dus vanaf 2026. Komt er geen AOW na 45 gewerkte jaren en blijkt het verlofsparen onvoldoende soelaas te bieden, dan zullen de politiebonden zich sterk maken voor een verlenging van de tijdelijke € 19.000-regeling. Ons streven is een eerlijke benutting van de afspraken in het pensioenakkoord biedt voor alle leeftijdscategorieën.

Meer over:
Vroegpensioen