31 januari 2024

Tweede Kamer moet opschieten met Wet Betaalbare huur

Het is in het algemeen belang dat voldoende mensen in cruciale beroepen – zoals agenten, leraren en zorgmedewerkers – dicht genoeg bij hun werk kunnen wonen om dat werk daar te willen (blijven) doen. Op steeds meer plaatsen is dat een probleem, mede door de torenhoge huurprijzen in de vrije sector. De FNV, de AOb en de NPB roepen de Tweede Kamer dan ook op de klaarliggende Wet Betaalbare Huur ZSM goed te keuren.

Op dinsdag 30 januari publiceerde AD een open brief Bas van Weegberg (lid dagelijks bestuur FNV en voorzitter ACOP); Kitty Jong (vicevoorzitter FNV); Nine Kooiman (voorzitter NPB) en Tamar van Gelder (voorzitter AOb). Titel: Het land schreeuwt om de Wet Betaalbare Huur.

Neem de docent die vroeger nog gewoon kon wonen in de wijk waar de school staat. Op die manier ben je voor je leerlingen niet alleen leerkracht, maar ook een onderdeel van hun bredere samenleving. Als je noodgedwongen een uur moet reizen om bij je school te komen, en ook nog eens moet betalen om daar te parkeren, dan moet je wel een grote idealist zijn om niet te kiezen voor een werkgever dichterbij huis. En met het gigantische lerarentekort is die zo gevonden.

Ook de politie kampt op veel plekken met enorme onderbezetting omdat medewerkers in de buurt geen betaalbare woning kunnen vinden.

De ouderenzorg is een van de grootste maatschappelijke crises waar we in terecht gaan komen. Ook daar is van belang dat werknemers – lage salarissen en vaak geen auto – in de buurt van hun thuiszorgwerk kunnen wonen.

Explosieve groei dure huur
Om deze neerwaartse spiraal te doorbreken, is het noodzakelijk om de hoge huurkosten te verminderen en de volkshuisvesting te stimuleren voor een bredere doelgroep. In de afgelopen jaren is dure huur de norm geworden. Het aandeel vrije huur ten opzichte van sociale huur en koopwoningen groeide flink. Die groei zit ‘m vooral in het dure segment.

Waar nog geen tien jaar geleden zo’n 80 procent van de vrije huurwoningen in het middensegment werd verhuurd, daalde dit aandeel tot een schamele 45 procent. In de grote steden was dat met 30 procent nóg lager. Gezinnen met een gemiddeld inkomen vissen daardoor vaak achter het net.

Overigens werd de groei van de vrije huursector mede mogelijk gemaakt door het opkopen van relatief betaalbare koopwoningen. Tussen 2018 en 2022 zijn er op deze manier 75.000 woningen opgekocht door beleggers. Verhuurders verhuren deze huizen vervolgens voor meer dan wat ze waard zijn en knallen de prijzen flink omhoog bij een bewonerswissel. Dat is een onhoudbare situatie.

Paal en perk stellen
Logischerwijs wil demissionair minister De Jonge met de Wet Betaalbare Huur paal en perk stellen aan deze praktijken. Deze wet reguleert de vrije sector en zal ervoor zorgen dat de prijs van zo’n honderdduizend woningen naar verwachting met gemiddeld 190 euro omlaag gaat.

Ook geeft de wet gemeenten de mogelijkheid om middeninkomens en mensen in noodzakelijke beroepen voorrang te geven. De wet is geen totaaloplossing; herwaardering van de volkshuisvesting blijft noodzakelijk.

Meer sociale huur
Daarbij hoort het bouwen van veel meer goede en duurzame sociale huurwoningen, die toegankelijk zijn voor een bredere groep dan nu het geval is. Maar de kern van deze wet staat als een huis. Dat particuliere investeerders en grote beleggers daar zenuwachtig van worden, beschouwen wij als een positief teken. Woningen zijn namelijk geen verzameling bakstenen om mee te speculeren, maar een basisvoorwaarde voor een fatsoenlijk leven.

Het parlement zou er goed aan doen om de wet snel goed te keuren, onder meer omdat  gemeenten dan gebruik kunnen maken van de mogelijkheden die deze wet biedt. Onze leden en hun collega’s zullen hen dankbaar zijn.

Bas van Weegberg (lid dagelijks bestuur FNV en voorzitter ACOP)
Kitty Jong (vicevoorzitter FNV)
Nine Kooiman (voorzitter NPB)
Tamar van Gelder (voorzitter AOb)